update Beleggingsvisie 2020 8 minuten

Mensen blijven meer thuis, gaan minder uit en gaan nog vaker de digitale snelweg op. Ook bedrijven zetten verder in op digitalisering en automatisering en zoeken het dichter bij huis. De winnaars zijn de bedrijven die al goed gepositioneerd waren om hierop in te spelen. Zij zullen hun marktleiderschap naar verwachting verder uitbouwen.

Coronacrisis brengt structurele trends in een stroomversnelling

Geschreven door:
Cor Blankestijn, Eric de Graaf, Robert de Jong, Jan Kleipool, Mike Mulders en David Wolters. Eindredactie: Jacco de Winter
Coronacrisis brengt structurele trends in een stroomversnelling

“Never waste a good crisis”, luidt een bekende uitspraak van Winston Churchill, de voormalig premier van het Verenigd Koninkrijk. Hoewel er bedrijven omvallen en de werkloosheid stijgt, laat het verleden ook zien dat een (economische) crisis vaak een katalysator is voor verandering. Technologische ontwikkelingen raken in een stroomversnelling, doordat mensen min of meer worden gedwongen creatief en vindingrijk te zijn.

Sommige bedrijven gaan ten onder, andere komen er sterker uit

Natuurlijk zijn veel bedrijven in grote problemen gekomen door de maatregelen die werden getroffen om de verspreiding van het coronavirus te voorkomen. Voor sommige zal de overheidssteun niet voldoende zijn om te kunnen overleven. Andere zijn inventief gebleken en hebben manieren gevonden om de gederfde inkomsten (deels) te compenseren. Denk aan de drankenfabrikanten, die de verkoop van alcoholische dranken door de lockdown zagen inzakken en besloten om hun alcohol te gebruiken voor de productie van handgels. Weer andere bedrijven waren al voordat de crisis uitbrak in een goede positie om in te kunnen spelen op de nieuwe omstandigheden. Zij weten zelfs te profiteren van deze crisis.

Winnaars: de thuisblijf-sectoren

Wanneer we spreken over de winnaars en verliezers van de coronacrisis, kunnen we een onderscheid maken tussen de ‘thuisblijfsectoren’ en de ‘buitenshuis-sectoren’. Door de beperkende maatregelen die in veel landen werden opgelegd, moesten veel bedrijven noodgedwongen de deuren sluiten en werd mensen – soms verplicht – opgedragen zoveel mogelijk thuis te blijven. Hierdoor gingen veel meer mensen thuiswerken en online winkelen, en gingen zij de verveling te lijf door films en series te kijken en online videogames te spelen. Bedrijven die dergelijke activiteiten aanbieden of faciliteren zijn de grote winnaars van deze crisis.

Top Down 4

Verliezers: de buitenshuis-sectoren

De maatregelen om virusverspreiding tegen te gaan hebben uiteraard ook verliezers tot gevolg. Activiteiten op het gebied van reizen en grensoverschrijdend verkeer vielen bijvoorbeeld vrijwel compleet weg, doordat grenzen werden gesloten en vluchten werden geannuleerd. In veel landen moesten niet-essentiële winkels de deuren sluiten. De intrede van ‘social distancing’, zoals in ons land het houden van anderhalve meter afstand, had tot gevolg dat alle evenementen werden afgelast, restaurants, cafés, theaters en bioscopen hun deuren moesten sluiten, en er niet meer gesport mocht worden in groepsverband. De gehele vrijetijdssector kreeg zo de zwaarste klap te verduren.

Niet op korte termijn terug naar ‘oude’ situatie…

Sinds eind april zijn Europese landen begonnen met het geleidelijk terugschroeven van de lockdown-maatregelen. Er mag binnen de meeste Europese landen weer (met het vliegtuig) worden gereisd, cafés en restaurants zijn – met strikte afstandsregels – weer open en ook zwembaden en fitnesscentra zijn weer open. Ook gaan mensen weer meer de deur uit om te winkelen of te ontspannen. Ook zullen werknemers straks weer geleidelijk naar kantoor gaan. Dit betekent uiteraard niet dat we weer snel zullen terugkeren naar de situatie van voor de virusuitbraak. De terugkeer naar de normaliteit zal zeer geleidelijk verlopen en ‘social distancing’ houdt waarschijnlijk in veel gevallen aan zolang er geen vaccin of medicijn is gevonden tegen het virus. Veel bedrijven in de vrijetijdssector kunnen voorlopig dus niet op volledige capaciteit draaien. Bovendien bestaat het risico dat een nieuwe virusuitbraak leidt tot de herinvoering van beperkende maatregelen.

… maar ook niet op de langere termijn

Ook op de langere termijn denken wij dat we niet meer volledig zullen terugkeren naar ‘het oude normaal’. Veel bedrijven en werknemers hebben ontdekt dat thuiswerken eigenlijk best efficiënt is. In sommige sectoren werd al een of twee dagen per week thuisgewerkt, maar de tijd dat mensen vijf dagen in de week naar kantoor gingen, lijkt in veel gevallen definitief voorbij. Ook online vergaderen blijkt met de hedendaagse technologie goed te werken. Voor zaken reizen we wellicht alleen nog in de meest noodzakelijke gevallen: slecht nieuws voor luchtvaartmaatschappijen en hotels. Digitale opleidingen en online lesgeven zullen, mede door het steeds nijpender wordend lerarentekort, aan populariteit winnen. Online winkelen was al populair, maar de quarantainetijd heeft nog maar eens het gemak ervan benadrukt. Sporters die niet naar de sportschool konden en online fitnesstraining zijn gaan volgen, zullen dit deels blijven doen. Mensen die gewend zijn geraakt aan avondjes Netflixen op de bank, zullen minder snel geneigd zijn naar de bioscoop te gaan. En vakantiegangers die besluiten om dit jaar in eigen land of in een buurland te verblijven, ontdekken misschien dat daar niets mis mee is. Dit kan ten koste gaan van de populariteit van vliegvakanties naar exotische bestemmingen.

Al met al hebben veel mensen zich de afgelopen maanden gerealiseerd hoeveel zij thuis kunnen doen. Zij zullen daarom meer thuis of dichter bij huis blijven en minder reizen voor zowel zakelijke als privédoeleinden.

Minder globalisering, meer automatisering

Niet alleen aan de vraagkant, maar ook wat de aanbodkant van de economie betreft, verwachten wij een ‘dichter bij huis’-trend. Bedrijven in verschillende sectoren, denk aan producenten van elektronica, machines en auto’s, zijn voor onderdelen sterk afhankelijk van wereldwijde toeleveringsketens . De globalisering heeft er in de afgelopen decennia toe geleid dat veel productie werd uitbesteed naar goedkope productielanden, zoals China. Onverwachte verstoringen, zoals een pandemie, maken duidelijk dat een te grote afhankelijkheid van internationale toeleveringsketens niet wenselijk is. Door de sluiting van fabrieken kwam de levering van onderdelen in het gedrang. Wij verwachten daarom dat een deel van de productie naar de eigen regio wordt verplaatst. De trend van globalisering, die al enkele jaren over zijn hoogtepunt heen is, zal hierdoor verder keren.

Behalve dat productiefaciliteiten dichterbij worden gebracht, verwachten we ook een automatiseringsslag. Industriële automatisering zorgt voor een hogere efficiëntie en maakt de productie minder afhankelijk van menselijke acties. Fabrieken kunnen zo blijven draaien in geval van bijvoorbeeld een pandemie. In de industriële sector is nog veel potentieel om arbeidsplaatsen te automatiseren.

Een toeleveringsketen, of productieketen, is het netwerk van activiteiten en processen dat nodig is bij de ontwikkeling, productie, levering en verkoop van een product of dienst. Verstoringen in een of meer schakels kunnen grote gevolgen hebben voor de doorloop van de keten.

De trends: meer thuis, minder uit; van fysiek naar digitaal en ‘winner takes all’

‘Meer thuis, minder uit’ is een trend die door de coronacrisis naar verwachting een structureel karkater zal krijgen. De grootste veranderingen vinden plaats op technologisch gebied. Uiteraard was er al langere tijd sprake van een verschuiving van ‘fysiek naar digitaal’, maar we denken dat deze trend in een stroomversnelling raakt. De bedrijven die op dit gebied al voorop liepen, zullen er naar verwachting ook het meest van profiteren. Ook dat is een trend die we al langer zien: ‘the winner takes it all’. Marktleiders die de middelen hebben om de crisistijd te doorstaan of nu zelfs flink kunnen investeren, komen naar verwachting nog sterker uit deze crisis.

Top Down 3

Meer thuis doen dankzij technologie

Veel bedrijven kwamen door de lockdown-maatregelen voor een enorme uitdaging te staan: in een paar weken tijd moesten duizenden medewerkers overstappen van werken op kantoor naar werken vanuit huis. Van een trend werd thuiswerken opeens een noodzakelijk iets. IT-afdelingen draaiden overuren om datacenters en netwerken gereed te maken en medewerkers te voorzien van een laptop. Vanzelfsprekend profiteren veel technologiebedrijven hiervan. Denk aan de beheerders en toeleveranciers van datacenters, leveranciers van datanetwerken en aanbieders van clouddiensten en videoconferencing-software, zoals Skype, Zoom en Microsoft Teams. En omdat meer mensen thuis aan het werk gaan, neemt ook de noodzaak van beveiliging (‘cybersecurity’) toe.

Verder hebben dataverwerkers, zoals Mastercard en Visa, geprofiteerd van de snelle transitie naar contactloze, digitale en online betalingen. De absolute volumes en grensoverschrijdende transacties namen uiteraard sterk af tijdens de lockdown, maar een herstel is ingezet.

Consument gaat (nog) meer online

Naast technologie is ook communicatiediensten een sector die relatief goed gedijt in deze crisis. De virusuitbraak en lockdown-maatregelen hebben de digitalisering wereldwijd versneld en beide subsectoren, telecom en media & entertainment, kunnen hiervan profiteren. In snel tempo zijn mensen gewend geraakt aan online winkelen en thuiswerken en bedrijven zien de noodzaak van meer digitalisering en automatisering van bedrijfsprocessen. De consument brengt zijn tijd aanzienlijk langer online door, is actiever op social media, is meer gebruik gaan maken van streamingdiensten en ook online videospellen hebben een sterke vlucht gemaakt. Deze ontwikkelingen spelen telecombedrijven en technologisch georiënteerde media- en entertainmentbedrijven in de kaart. Ook is de noodzaak van 5G duidelijker geworden. We verwachten dat bedrijven in andere sectoren meer gaan investeren in connectiviteit en nieuwe bedrijfsmodellen zullen ontwikkelen rondom 5G. Dit kan de telecomsector de lang gekoesterde impuls geven op de langere termijn.

Bij een terugkeer naar het ‘normale leven’ kan een deel van de online-activiteit weer wegvallen, denk aan online gaming en streaming. Maar relatief gezien bevindt de sector zich in een goede marktomgeving, met meer online engagement, vrij stabiele businessmodellen gerelateerd aan online activiteit, en een versnelling van de digitalisatie in het algemeen.

Streaming media zijn media (video, audio) die rechtstreeks via het internet worden gedistribueerd. Dit proces wordt streamen genoemd. Tijdens het streamen wordt continu een gedeelte van de data in een buffer geplaatst, waardoor de ontvangen media direct ‘geconsumeerd’ worden zonder dat een bestand geheel gedownload hoeft te worden. De bekendste voorbeelden van streamingdiensten in Nederland zijn Netflix en Spotify.

Detailhandel onder druk, op de supermarkt en bouwmarkt na

De detailhandel wordt stevig geraakt door de coronacrisis. Winkels zijn weer open na enige tijd gesloten te zijn geweest. Het winkelend publiek wordt nu echter vaak afgeschrikt door de lange rijen voor de populaire winkels, omdat maar een beperkt aantal mensen naar binnen mag. Een dagje shoppen wordt zo al snel minder gezellig. Dit versterkt de verschuiving naar online winkelen.

Detailhandelaars die het wel goed hebben gedaan zijn de supermarkten, die volop profiteerden van de hamsterwoede van de consument. Zij profiteren bovendien van het feit dat mensen meer tijd thuis doorbrengen: er wordt meer thuis gegeten en minder in restaurants. Voor zowel de restaurants als de supermarkten geldt dat er meer gebruik wordt gemaakt van de bezorgdiensten, die online worden besteld. Ook de bouwmarkten zijn als winnaar uit coronacrisis gekomen. Omdat mensen meer thuisblijven en minder geld uitgeven aan vakanties en uitgaan, trekken zij massaal naar de doe-het-zelfzaak om het huis te verbouwen en de tuin op te knappen.

Top Down 2

Concurrentie van de webgiganten en fabrikanten

De detailhandel staat bovendien al langere tijd onder druk van de ‘webgiganten’ als Amazon en Alibaba. Amazon kon de afgelopen maanden de enorme vraag niet eens aan en moest koortsachtig op zoek naar nieuwe medewerkers. Het bedrijf heeft fors geïnvesteerd, niet alleen in nieuwe warenhuizen en datacenters om aan de grotere vraag te kunnen voldoen, maar ook in veiligheidsmaatregelen voor het personeel. Amazon is een typisch voorbeeld van een marktleider die jaren geleden al de trends van de toekomst voorzag en sterker uit deze crisis zal komen.

Detailhandelaren hebben niet alleen concurrentie van bedrijven als Amazon. Ingegeven door de trend naar online shopping, die is versneld door de quarantainemaatregelen, gaan steeds meer grote bedrijven, zoals voedingsmiddelenfabrikanten, zonder tussenkomst van een winkel hun producten direct aan de consument verkopen. Zo kun je sinds kort op snacks.com zakken Lay’s of Doritos chips van snackgigant PepsiCo kopen.

Pakketbezorgers hebben het druk

Al die spullen die online worden gekocht, moeten natuurlijk ook bezorgd worden. De pakketbezorgers rijden af en aan. Vooral de grote spelers zullen hiervan profiteren, dankzij hun sterke, uitgebreide distributienetwerk. Het consumentensegment groeit momenteel harder dan het zakelijke segment, wat tot druk op de winstmarges leidt omdat de marges in het consumentensegment lager zijn. Ook binnen deze tak van de logistieke dienstverlening gaat automatisering de komende jaren waarschijnlijk een grotere rol spelen.

Luxegoederen-, drank- en vrijetijdssector geraakt

Andere aanbieders van consumentengoederen en -diensten zijn nog harder geraakt door de coronacrisis. Producenten van luxe goederen, cosmetica en sterke drank gaan gebukt onder het feit dat er veel minder wordt gereisd. Hierdoor zijn de verkopen in de taxfree winkels op de luchthavens gekelderd. Ook missen zij de Chinese toeristen, die op vakantie in de grote Europese en Amerikaanse steden vaak veel geld uitgeven aan luxe. Cateraars missen een groot deel van hun omzet uit bedrijfs- en schoolkantines en evenementen. De vrijetijdssector en de ‘anderhalvemeter-maatschappij’ zijn, zoals al besproken, bepaald geen gelukkige combinatie. Hetzelfde geldt voor de bier- en frisdrankfabrikanten, voor wie de cafés, restaurants, festivals en grote (sport)evenementen een belangrijke bron van inkomsten zijn.

Grote delen van vastgoedsector onder druk

Ook grote delen van de vastgoedsector gaan gebukt onder de coronacrisis. De verschuiving van fysiek naar online winkelen is een structurele trend waarvan de eigenaren van winkelvastgoed al langer last hebben. Maar ook hotel- en kantoorvastgoed staat onder druk door de lockdown-maatregelen. Daarentegen profiteren logistiek vastgoed en datacenters juist van de toenemende nadruk op digitalisering. Voor veel vastgoedbedrijven bestaat er een groot risico dat structurele gedragsveranderingen leiden tot een permanent lagere vraag, minder huurinkomsten en lagere bezettingsgraden, en dus een lagere waarde van het vastgoed. Behalve de ongunstige trends van online winkelen en thuiswerken, kan ook de vraag naar seniorenwoningen afnemen door de snelle verspreiding van het virus daar.

Naast structurele dreigingen, nemen ook de cyclische problemen toe als de werkloosheid en het aantal bedrijfsfaillissementen stijgt. Deze combinatie van structurele en cyclische tegenwind leidt hoogstwaarschijnlijk tot langdurige problemen bij winkel-, kantoor-, gezondheidszorg- en residentieel vastgoed. Hogere financieringskosten en beperktere toegang tot financiering vormen daarbij een extra risico.

Banken vrezen wanbetalingen en voelen pijn van lage rente

Voor de banken breken ook uitdagende tijden aan. In tijden van economische crisis zien we bij banken de wanbetalingen oplopen, wat een indicatie is voor de daadwerkelijke afschrijvingen die de banken op de leningenportefeuille moeten doen in de toekomst. Maar gezien alle overheidssteun blijven de wanbetalingen vooralsnog laag. Dit maakt het lastig om de daadwerkelijke impact van de coronacrisis voor de banken te kwantificeren. Banken hebben de stroppenpot in het eerste kwartaal flink aangevuld en zullen dit naar verwachting ook in het tweede kwartaal doen. Of dit voldoende is, is nog maar de vraag.

Financiële dienstverleners kampen al veel langer met druk op de winstgevendheid als gevolg van de lage rente. Dit is vooral het geval in Europa, maar nu de Fed de rente in de VS naar 0,25% heeft verlaagd, moeten ook de Amerikaanse banken de gevolgen van fors lagere rentes doorstaan. Door de lagere rentes komen de rentemarges, en dus de winstgevendheid, van Amerikaanse banken onder druk. Toch denken we dat de winstgevendheid van Amerikaanse banken hoger blijft dan in Europa, omdat zij relatief meer schaalvoordeel hebben, hogere vergoedingen kunnen vragen en hun relatief grote handelsdivisies floreren op de huidige, beweeglijke financiële markten. Bij de Europese banken zal meer nadruk komen te liggen op kostenbesparingen en zal digitalisering een nog belangrijkere rol gaan spelen.

Niet vergelijkbaar met financiële crisis

Ondanks dat de marktomstandigheden voor banken sterk zijn verslechterd, is de situatie niet vergelijkbaar met de financiële crisis. Zo zijn de balansen van de banken veel robuuster geworden. Ook spelen ze een belangrijke rol als ‘doorgeefluik’ van alle liquiditeit van de centrale banken richting bedrijven en particulieren. Het belangrijkste knelpunt bij banken zit vooralsnog in de winstgevendheid, niet in de kapitaalpositie. In tegenstelling tot de financiële crisis, is de coronacrisis niet begonnen bij de banken. Zij zetten dan ook hun beste beentje voor om bedrijven en huishoudens te ondersteunen en zo hun imago wat op te poetsen.

Meer investeringen en digitalisering in gezondheidszorg

Een grootschalige pandemie als het coronavirus heeft uiteraard een grote impact op de gezondheidszorgsector. Veel farmaceutische en biotechnologiebedrijven zijn druk bezig met de ontwikkeling van vaccins, medicijnen en verschillende testen om het coronavirus een halt toe te roepen. Gezien het belang van het voorkomen en bestrijden van virusepidemieën, verwachten we dat de sector meer gaat samenwerken met overheden, en dat overheden meer zullen investeren in het voorkomen en bestrijden van toekomstige epidemieën.

De digitaliseringstrend zal zich ook in de gezondheidszorg versneld doorzetten. Door patiëntendossiers volledig te digitaliseren, kunnen bijvoorbeeld veel sneller en efficiënter kandidaten worden gevonden voor klinische tests van medicijnen. Ook kunnen patiënten op afstand worden gemonitord door hun huisarts, door middel van sensoren in mobiele telefoons en zogeheten wearables . Dat grote bedrijven hier veel van verwachten, bewijst de overname van Fitbit door Google eind 2019. Verder kunnen doktersbezoeken gedeeltelijk worden vervangen door ‘telehealth’, oftewel een virtueel doktersbezoek.

Dat tijdens de lockdown het bezoek aan ziekenhuizen sterk daalde en niet-essentiële operaties werden uitgesteld, voelden vooral de producenten van medische apparatuur en technologie. Dit werd deels opgevangen door de grote vraag naar beademingsapparatuur en CT-scanners. Wij verwachten dat in de toekomst strategische voorraden aangelegd zullen worden van bijvoorbeeld beademingsapparatuur, om tekorten bij een mogelijke volgende crisis te voorkomen.

Ook de farmaceutische sector heeft te maken met problemen in de toeleveringsketen. Momenteel worden nog veel medicijnen gefabriceerd in China en India. Door problemen met de aanvoer van (grondstoffen voor) medicijnen, dreigden er tekorten. Farmaciebedrijven hebben daarom de afgelopen maanden flinke voorraden aangelegd. Vanwege het belang van de beschikbaarheid van medicijnen tijdens epidemieën, verwachten we dat bedrijven, al dan niet aangespoord door de overheid, de productie deels dichter bij huis zullen brengen.

Wearables zijn elektronische apparaatjes die op het lichaam gedragen kunnen worden. Voorbeelden zijn sporthorloges (‘smartwatches’) of activiteits-trackers, die door middel van sensoren onder andere de hartslag en het aantal stappen kunnen meten. Ook worden dergelijke sensoren steeds vaker toegepast in (sport)kleding.

Top Down 1

Autosector staat voor enorme uitdaging

De autosector stond al ruim voor de coronacrisis voor een enorme opgave. Het volledige (Europese) wagenpark moet namelijk van fossiele brandstof naar een duurzamere vorm van aandrijving worden aangepast, om aan de door de Europese Commissie verlangde CO2-uitstootnorm te voldoen. Lukt dat niet, dan dreigen miljardenboetes voor vrijwel iedere autofabrikant, waarschijnlijk op Tesla en Toyota na. Daarom hebben autofabrikanten voor de transitie naar elektrisch rijden de komende jaren tientallen miljarden aan investeringen gepland. Die investeringen moeten uiteraard worden terugverdiend, maar het coronavirus gooit roet in het eten. Fabrieken voor de onderdelen en de fabricage hebben lang stilgelegen en zijn nog niet allemaal weer volledig in gebruik. Tijdens de lockdown-periode vielen de autoverkopen vrijwel stil. Ook in regio’s waar fabrieken weer zijn opgestart, zijn de productie en verkopen stroef begonnen en liggen de verkoopaantallen nog fors lager. De trend naar meer thuiswerken betekent bovendien dat er veel minder leaseauto’s nodig zijn. Met de steun van overheden hopen de autofabrikanten een inhaalslag te maken. Zo heeft de Duitse regering de subsidie voor elektrische auto’s verdubbeld naar €6.000. Andere landen geven subsidie voor het inruilen van oude auto’s voor nieuwe, schonere modellen.

Energiesector in zwaar weer

Dat er veel minder auto wordt gereden en veel minder wordt gevlogen, heeft uiteraard negatieve gevolgen voor de energiesector. De olieproducenten zagen de vraag naar olie en geraffineerde producten als benzine en kerosine hierdoor sterk teruglopen. Bovendien kregen Rusland en Saoedi-Arabië ruzie over de beperking van de olieproductie, waardoor er een enorm verschil tussen vraag en aanbod ontstond. Hierdoor kelderde de olieprijs in korte tijd van $70 naar $20 en noteerden de koersen van olie-termijncontracten zelfs kort even onder $0. Inmiddels is er wat herstel opgetreden, doordat olieproducenten de productie hebben beperkt.

Het mag duidelijk zijn dat de oliemaatschappijen een zware tijd tegemoet gaan. Dat Shell voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog zijn dividend verlaagt, is veelzeggend. Oliebedrijven zullen flink in de kosten moeten snijden en de investeringen drastisch terugbrengen. Dat heeft weer negatieve gevolgen voor de bedrijven die diensten verlenen aan de oliebedrijven. Wel denken we dat de grote oliemaatschappijen de komende jaren een groter deel van hun investeringsbudget zullen alloceren naar duurzame energiebronnen. Al met al hebben deze ‘oil majors’ de beste papieren om deze crisis te doorstaan.

Basismaterialen profiteren als een van de eerste van economisch herstel

Na de recessie in de productiesector vorig jaar, was het coronavirus een nieuwe tegenwind voor de sector basismaterialen. Maar de sector profiteerde ook als een van de eerste van de terugkeer van de economische activiteit in China. Bovendien leidt de lagere olieprijs tot lagere kosten voor grondstoffen, productie en transport, bijvoorbeeld voor mijnbouwbedrijven en fabrikanten van constructiematerialen en industriële gassen. Ook kunnen sommige bedrijven profiteren van overheidsinvesteringen in infrastructuur. Daarnaast kan er bij een herstel van de activiteit een sterke inhaalvraag plaatsvinden, terwijl er tegelijkertijd sprake is van productieverlaging of -uitval. Dit kan een positieve katalysator zijn voor de resultaten in de sector.

Top Down 5

Nutsbedrijven: stabiele, duurzame groei

Nutsbedrijven ten slotte vormen een van de meest stabiele sectoren, ook in tijden van corona. Zij hebben over het algemeen heel stabiele inkomsten, omdat de klantenbasis breed is en prijzen vaak voor een aantal jaren worden vastgelegd en geïndexeerd, in samenspraak met lokale overheden. Alle bedrijven in deze sector zijn in meer of mindere mate bezig om hun energieproductie te verduurzamen. Dat zijn langjarige trajecten, waar forse investeringen mee gemoeid zijn. Gezien de lage rente en de erkende noodzaak om energie duurzamer op te wekken, is de financiering tot op heden nauwelijks een issue.

Binnen de sector is de meeste groei te vinden in het elektriciteitsgebruik en het duurzaam opwekken daarvan. De verschillen tussen de bedrijven zijn groot: sommige produceren zelf de meeste elektriciteit, andere kopen het in of richten zich op de transmissienetwerken . Vaak zijn er langjarige afnamecontracten en door de overheid vastgestelde tarieven. De combinatie van groei en de stabiele basis van dit soort bedrijven, spreekt ons binnen de nutssector dan ook het meeste aan.

Het transmissienetwerk is de ruggengraat van het elektriciteitstransport in een land. Het ontvangt en vervoert elektriciteit op hoogspanningsniveau en wordt door elektriciteitsproducenten gevoed vanuit grote productie-eenheden zoals kolen-, gas- en kerncentrales en windmolenparken. De grootste industriële verbruikers zijn vaak rechtstreeks aangesloten op dit net.

Hoe ziet het leven na corona er straks uit?

Sommige ontwikkelingen die door de coronacrisis in gang zijn gezet of zijn versneld, zullen gedeeltelijk ook weer keren. Niet iedereen is even productief als hij thuis werkt, consumenten willen ook nog steeds de beleving voelen van een fysieke winkel, en velen willen straks ook weer met vrienden een volle kroeg induiken of naar een uitverkocht concert of voetbalwedstrijd gaan. Sommige nieuwe manieren van leven en werken zullen volledig worden omarmd, andere zullen slechts een tijdelijk gevolg van de coronacrisis blijken. Waar bedrijven op zoek zullen blijven naar manieren om efficiënter en goedkoper te kunnen werken, is en blijft het gedrag van consumenten veranderlijk.

Meer lezen?

Back to the future?
1 / 5

update Beleggingsvisie 2020

Back to the future?

AEX nog steeds in bearmarkt
2 / 5

Technische analyse

AEX nog steeds in bearmarkt

Duurzamer uit de crisis
3 / 5

Duurzaamheid

Duurzamer uit de crisis

Inspelen op veranderende markten
4 / 5

update Beleggingsvisie 2020

Inspelen op veranderende markten

Coronacrisis brengt structurele trends in een stroomversnelling
5 / 5

update Beleggingsvisie 2020

Structurele trends in een stroomversnelling