Grondstoffen houden we neutraal gewogen

Vrouw bekijkt groente op de markt

Veranderingen in de voedselproductie zijn te verwachten als meer mensen zich bewust worden van gezonde voeding. © ING

Grondstoffen

Grondstoffen houden we neutraal gewogen

Friso Rengers - investmentmanager

In 2018 verloor de grondstoffenindex terrein, ondanks de goed draaiende Amerikaanse en Europese economie. Alleen de olieprijs leefde op omdat beleggers rekening hielden met de Amerikaanse sancties tegen olie-exporteur Iran en de afnemende groei van Amerikaanse schalieolieproductie.

Wat zijn grondstoffen?

Grondstoffen zijn, net als bijvoorbeeld aandelen en obligaties, een beleggingscategorie. In een aantal van onze beleggingsstrategieën beleggen wij in een indexfonds van openbaar verhandelbare grondstoffen, zoals ruwe aardolie, geraffineerde brandstoffen (zoals dieselolie), metalen, sojabonen en mais. Grondstoffencontracten wisselen van eigenaar op de grondstoffentermijnmarkten. Door te beleggen in een grondstoffenindex – dus een ‘mandje’ termijncontracten voor diverse grondstoffen – kunnen beleggers inspelen op mogelijke prijsstijgingen binnen de gehele beleggingscategorie.

Waarom daalden de grondstoffenprijzen?

De vraag naar grondstoffen is in 2018 maar weinig toegenomen. Dat heeft de prijsstijging geremd. Ook ontwikkelt het grondstoffenverbruik zich, afgezet tegen de economische groei, in de 21e eeuw anders dan in de 20e. De economische groei bestaat anno 2018 namelijk meer uit diensten dan uit goederen. Denk maar aan een stedeling die een appartement huurt, geen auto heeft, af en toe uit eten gaat, lid is van de sportclub, een abonnement heeft op Netflix en veel op zijn smartphone doet. Zijn consumptieve budget gaat in belangrijke mate op aan diensten. Een gemiddelde consument gaf in de tweede helft van de 20e eeuw een groter deel van zijn budget uit aan fysieke producten. Zoals een vervoersmiddel, huishoudelijke apparatuur, voedsel, kleding, een televisietoestel en een stereo-installatie. De afnemende bevolkingsgroei in het Westen beperkt eveneens de groei van de vraag naar grondstoffen. Dat er minder nieuwbouwwoningen worden gebouwd speelt eveneens een rol.

China niet meer de motor, ook sterkere dollar een factor

In de opkomende markten is nog wel een duidelijke behoefte aan fysieke grondstoffen. Daar schaffen steeds meer mensen moderne huisvesting aan. En ze besteden ook geld aan nutsvoorzieningen, auto’s, huishoudelijke apparatuur, reizen en infrastructuur. Bovendien hebben die landen relatief veel maakindustrie, die grondstoffen als input gebruiken. China is hiervan een goed voorbeeld. Maar dat de Chinese economie in 2018 minder sterk groeit en – in navolging van de meer ontwikkelde economieën – ook minder grondstoffen gebruikt, was te merken op de grondstoffenmarkten. De vraag naar grondstoffen nam dan ook maar nauwelijks toe. De meeste grondstoffen worden in Amerikaanse dollars genoteerd en ook afgerekend. Deze munt verzwakte aanvankelijk in 2018, maar in de tweede helft sterkte die weer aan tegenover de meeste andere valuta’s. De sterke dollar op zichzelf is al een stimulans voor de grondstoffenproductie, terwijl die juist de vraag naar grondstoffen vermindert.

Grondstoffen verdeeld in 4 subgroepen

Onze maatstaf, ook wel benchmark genoemd, voor de grondstoffenmarkt is de Bloomberg Commodity Index. Deze index is verdeeld in vier segmenten. Hij bestaat voor 36% uit agrarische grondstoffen, 32% energiegrondstoffen, 17% industriële metalen en voor 15% uit edelmetalen, zoals goud. Hoe staat het ervoor met deze vier?

Agrarische grondstoffen

Wij zien voorlopig geen einde komen aan de overproductie in de landbouw. Ook zijn er nog voldoende landbouwondernemers die de landbouwsector niet alleen draaiende houden, maar ook laten groeien. Bovendien veranderen ze de productieprocessen door innovatie. In grote lijnen kun je zeggen dat overproductie wordt gestimuleerd door hardnekkige overheidssubsidies en productiviteitsverbeteringen op basis van nieuwe (gen)technologieën. Veranderingen in voedselproductie zijn te verwachten als het dieet van mensen verandert. Ook speelt mee dat er vanuit de politiek, bijvoorbeeld gedreven door de klimaatproblematiek, wordt ingegrepen. Bewuste voeding is momenteel nog een zaak waar weinigen zich mee bezig houden. Als er meer aandacht komt voor onze voedselvoorziening, dan kan bewustwording plaatsvinden bij een breder publiek en zal de politiek waarschijnlijk ook reageren. Wij nemen die ontwikkeling overigens nog niet waar.

Edelmetalen: weinig vraag

Mogelijk geholpen door de afnemende economische onzekerheid lijken edelmetalen, zoals goud, steeds meer uit de belangstelling van beleggers te raken. Ook de lage inflatie en de prijsdaling van edelmetalen zijn wellicht oorzaken. Edelmetalen hebben het relatief moeilijk, doordat de ‘reservemunt’ van de wereld – waarmee de Amerikaanse dollar wordt bedoeld – aansterkt, en de Amerikaanse rente een stijgende trend vertoont. Ook ontbreekt het aan grootschalige financiële of industriële toepassingen voor deze metalen. Vroeger had je het gebruik van zilver in de fotografie, platina in katalysatoren en goud als centrale-bankreserve en spaargeldvervanger. We zien op dit moment echter geen grootschalige nieuwe toepassingen. Wel is enig ‘technisch’ prijsherstel te verwachten na de scherpe prijsdaling van edelmetalen.

Industriële metalen: waar blijven de investeringen?

Zonder investeringen is het niet te verwachten dat industriële metalen veel zullen stijgen in prijs. In vergelijking met de periode voor de financiële crisis wordt er weinig geïnvesteerd. Geopolitieke kwesties als de brexit, het sanctiebeleid van de VS tegen Iran, de Chinees-Amerikaanse handelsperikelen en de politieke instabiliteit in enkele opkomende markten zijn belangrijke oorzaken. Om de economie in de ontwikkelde economieën verder te stimuleren, zouden de overheidsuitgaven en de investeringen in infrastructuur en industriële productiefaciliteiten moeten worden verhoogd. Daarvan zou vooral de grondstoffengroep industriële metalen profiteren. Maar voordat het bedrijfsleven investeert, heeft het eerst meer stabiliteit nodig wat betreft de in- en exporttarieven en de wet- en regelgeving. Investeringen zijn immers gebaseerd op langetermijnscenario’s. Vooral de politiek is dus aan zet en wij zien wel degelijk politici die tot actie willen overgaan. Alleen vermoeden we dat de categorie industriële metalen hier de komende zes maanden nog niet van profiteert.

Energie: olieprijs steeds ongewisser

De olieprijs is in 2018 weliswaar flink gestegen, maar niet boven de 100 dollar per vat gekomen. Dit komt mede door de sterke capaciteitsgroei van de Noord-Amerikaanse olie-industrie en de wat zwakkere economische groei in de opkomende markten, met name China. De vraag is: kan de schalieolieproductie in Noord-Amerika wel op dit tempo blijven groeien? En kunnen – en wíllen – Rusland, Libië, Venezuela en Saoedi-Arabië hun olieproductie wel verder opvoeren? Het toekomstige aanbod is dan ook moeilijk te voorspellen. Wat wel vaststaat, is dat de wereld nog lang niet zonder olie kan, ondanks de vele nadelen die kleven aan grootschalige olieconsumptie. De toekomstige vraag naar olie lijkt dus stabieler dan het toekomstige aanbod. De algemeen geaccepteerde verwachting is dat olieconsumptie wereldwijd zal toenemen met 1 à 2% per jaar, zolang een zware economische recessie uitblijft. De opkomende markten zorgen voor veruit de grootste toename van olieverbruik. Terwijl in de ontwikkelde markten elektrisch gaan rijden of hun auto wegdoen – waarbij brandstofverbruik afneemt.

De olieconsumptie blijft voorlopig groeien met 1 à 2% per jaar

Toch hoeft naar onze inschatting de olieprijs niet boven de 100 dollar per vat te gaan, mits er voldoende geïnvesteerd wordt in olieproductie. Dit is een doorslaggevende factor. Door het ontbreken van reserveproductiecapaciteit binnen de Opec zal de olieprijs in 2019, net als in 2018, zeer wisselvallig zijn. Het lijkt erop dat Rusland en de VS marktaandeel winnen van de olieproducerende landen in het Midden-Oosten. Er is binnen de olie-industrie wereldwijd voldoende raffinagecapaciteit. Brandstoffen hoeven – tijdelijke uitschieters daargelaten – niet sterker te stijgen dan de olieprijs.

Conclusie

Bij het huidige economische-groeitempo verwachten we dat de grondstoffenindex in 2019 rond het huidige niveau blijft schommelen. Er is immers voldoende aanbod, gezien het niveau van consumentenbestedingen. Olie is binnen de index de grootste verrassingsfactor. Op basis van onze macro-economische visie vinden we een neutrale grondstoffenvisie het beste passen. Investeringstrends en (geo)politieke veranderingen kunnen vraag en aanbod van grondstoffen beïnvloeden. Daar blijven wij dan ook op letten.

Bloomberg Commodity Index

Bron: Thomson Reuters Datastream, november 2018.
Bron: Thomson Reuters Datastream, november 2018.