Banken geven groter deel rentewinst terug aan klanten

Stel overlegt met adviseur

De rente-inkomsten van banken stijgen, maar door de sterke concurrentie delen vooral banken in de VS steeds meer van dit rentevoordeel met hun klanten. © ING

Financiële waarden

Banken geven groter deel rentewinst terug aan klanten

Mike Mulders - beleggingsanalist

Rentestijging VS gunstig voor de rente-inkomsten banken…

De Amerikaanse centrale bank, de ‘Fed’, zal naar verwachting ook in 2019 enkele malen de beleidsrente verhogen. De meeste analisten verwachten dat de rente in drie stapjes van een kwart procentpunt naar 3% zal gaan. Deze beleidsrente bepaalt vooral de rente op kortlopende leningen (tot twee jaar), waaronder creditcardleningen. Een hogere rentestand betekent dat de banken een hogere rente kunnen vragen op nieuwe leningen en bestaande leningen met een variabele rente. Daardoor zullen hun rente-inkomsten stijgen. Wel zien we dat Amerikaanse banken vanwege concurrentiedruk steeds meer van dit rentevoordeel met klanten moeten delen, bijvoorbeeld door de spaarrente te verhogen. De mate waarin banken de renteverhoging van de centrale bank doorgeven aan hun klanten, wordt de ‘deposit beta’ genoemd. Door concurrentiedruk stijgt deze deposit beta. Het voordeel van de renteverhogingen neemt zodoende af en de netto rente-inkomsten zullen minder snel toenemen dan bij de vorige rentestijgingen. Toch zullen de Amerikaanse banken er naar verwachting nog steeds van profiteren.

… maar de rentestijging brengt ook nadelen met zich mee

Door de hogere rentes in de VS stijgen de leenkosten en zal het voor kredietnemers geleidelijk moeilijker worden om aan hun betalingsverplichtingen te voldoen. Tot nu toe (eind 2018) bleven de effecten van de rentestijgingen voor consumenten en bedrijven nog beperkt, maar in 2019 kan hierin verandering komen. De kredietkosten van ondernemingen zullen elk kwartaal dan ook nauwkeurig bekeken worden. Ook de banken kijken uiteraard mee naar de financiële gezondheid van hun debiteuren. Toch zijn stijgende debetrentes niet direct alarmerend. Het gemiddelde niveau van de kredietkosten is nog steeds historisch laag en (iets) hogere rentes brengen de meeste bedrijven niet meteen in de problemen.

Kredietwaardigheid debiteuren op niveau

Zolang de risicokosten van de banken – zoals voorzieningen voor oninbare leningen – niet sneller stijgen dan de rentemarge, blijft de bank profiteren van hogere rentes. Daarnaast hebben de grote banken, in vergelijking met voor de crisis, minder riskante leningen op hun balans. Zo is bijvoorbeeld bij de leningen aan particulieren de gemiddelde kredietwaardigheid fors beter dan het landelijke gemiddelde. Ook is de kredietwaardigheid van de bedrijfsleningenportefeuilles gemiddeld hoog. De Amerikaanse banken zijn dus over het algemeen vrij goed bestand tegen stijgingen van de kredietkosten bij hun debiteuren.

Sterke kapitaalposities bieden ruimte voor hogere dividenduitkeringen

De Amerikaanse banken hebben tegenwoordig gezonde kapitaalposities. Ze hebben een flinke buffer om klappen op te vangen, bijvoorbeeld als het economisch minder zou gaan. Toezichthouders doen jaarlijks een stresstest, waarbij deze kapitaalbuffers worden gecontroleerd. Als een bank een sterkere kapitaalpositie heeft dan door de toezichthouder wordt vereist, geeft dat financiële ruimte om meer winst aan de aandeelhouders uit te keren. De resultaten van de stresstest worden jaarlijks in juni bekendgemaakt. Banken die de stresstest niet halen, worden gedwongen om de kapitaaldistributie te verlagen en zo meer kapitaal op de balans te houden. De test zou een belangrijk rem kunnen zijn op de verhoging van de kapitaaldistributie. Maar tot nu toe waren de Amerikaanse toezichthouders uiterst coulant voor de Amerikaanse banken. En naar verwachting blijft onder de huidige Republikeinse regering het gunstige, soepele regime voor Amerikaanse banken in stand. Er is dus ruimte voor de banken om een groter deel van hun winst met de aandeelhouders te delen.

Als een beursgenoteerd bedrijf meer kapitaal op de balans heeft dan nodig is, kan dit op verschillende manieren aan zijn aandeelhouders worden uitgekeerd. Dit noemt men ook wel distribueren. Het bedrijf kan overgaan tot directe, contante uitkering door het dividend te verhogen. Of door eenmalig een groot ‘superdividend’ uit te keren. Een andere, veelgebruikte methode is de inkoop van eigen aandelen. Daardoor komen er minder aandelen te staan tegenover de waarde en de winst van het bedrijf. Normaal gesproken zal de beurskoers dan stijgen. Ook dit levert uiteraard rendement op voor de aandeelhouders.

Einde lage rentestand in Europa komt in zicht

Na het beëindigen van het obligatie-opkoopprogramma, eind 2018, begint de Europese Centrale Bank (ECB) in 2019 naar verwachting met het verhogen van de beleidsrente. Deze werkt door in veel rentetarieven van de banken. We verwachten dat de ECB pas na de zomer de eerste rentestap van een kwart procentpunt aankondigt. Voor de Europese banken is een renteverhoging goed nieuws, omdat de lage rentestand op het verdienmodel drukt. Maar er is een lange weg te gaan; we zijn nog ver verwijderd van de rentestanden van 3-4% van voor de financiële crisis. Sommige banken zullen er voor kiezen om de hogere rente niet direct door te berekenen in de leningentarieven. Zo kunnen ze de concurrentie aangaan en marktaandeel winnen. Hoewel er verbetering in zicht is, verwachten we dat het positieve effect van de rentestijging in 2019 voor de banken beperkt blijft.

De netto rentebaten zijn een belangrijke onderdeel van de winst van banken. Hoe groter het renteverschil tussen de obligatierente (de ‘lange’ rente, zoals op leningen van tien jaar) en de ‘korte’ rente (zoals de driemaandsrente), des te meer winst banken kunnen maken. Maar beide zijn nog zeer laag in Europa, wat ongunstig is voor de winst van Europese banken.

Het effect van hogere rentes is niet voor elke bank hetzelfde

Een hogere beleidsrente komt niet bij elke bank op hetzelfde moment in de cijfers tot uitdrukking. De voorwaarden van leningen verschillen namelijk nogal eens tussen landen. In Nederland hebben we bijvoorbeeld veel hypotheken met een rentetarief dat voor langere tijd vaststaat, terwijl Spanje veel hypotheken met variabele rentes kent. Dit betekent dat Spaanse banken, gemiddeld genomen, het resultaat van hogere rentes eerder zullen zien in de kasstromen van bestaande leningen. Bij nieuwe leningen kunnen de banken het tarief sneller aanpassen, maar ook hier bestaan forse verschillen per land. Zo werden de afgelopen 15 jaar de wijzigingen in de beleidsrente in Italië sneller dan in Duitsland doorgevoerd in het rentetarief voor nieuwe leningen. De invloed van de rentestijging zien we dus niet bij elke bank op hetzelfde moment doorwerken.

Brexit zet Britse verzekeraars onder druk

Wereldwijd actieve schadeverzekeraars zijn het orkaanseizoen goed doorgekomen, dankzij goede kapitaalbuffers en meevallende schade. Bovendien helpt de robuuste economische groei bij de verkoop van polissen. Voor de herverzekeraars, die dus de risico’s van de reguliere verzekeraars verzekeren, is dit nadelig. Hun diensten zijn namelijk minder nodig en een prijsstijging zit er niet in. Door alle aandacht voor de brexit staan Britse verzekeraars onder druk. In het geval van een ‘no-deal-brexit’ kunnen door een eventuele verlaging van de gemiddelde kredietwaardigheid van debiteuren en druk op de vastgoedmarkt de kapitaaleisen aanzienlijk worden opgeschroefd. Begin 2019 is daarom aandacht voor de schuldpositie van Britse verzekeraars van belang. Voor levensverzekeraars is vooral een verdere stijging van de obligatierente van belang. Levensverzekeraars met obligatieportefeuilles waarvan de gemiddelde resterende looptijd relatief kort is en maatschappijen met een grote beleggingsportefeuille profiteren hiervan het meest.